Kapitaalefficiëntie in de eiwittransitie — fundingcijfers 2025, Protein Shift Consultancy

De kapitaalefficiëntie-omslag: brouwerijen als de nieuwe fermentatie-fabriek

Wie lang genoeg in deze sector meeloopt, herkent het patroon — en het patroon van 2025 heet kapitaalefficiëntie. De cijfers lezen op het eerste gezicht als een afrekening: alternatieve eiwitten haalden wereldwijd $881M op — voor het eerst in zeven jaar onder de miljard, en 20% lager dan in 2024. Volgens GFI, dat zich baseert op data van Net Zero Insights, zakte fermentatie 43% naar $357M en gekweekt vlees zelfs 48% naar $74M. De koppen schrijven het verhaal van een sector in verval.

Dat is de verkeerde lezing. Wie kapitaalstromen over meerdere cycli heeft zien bewegen, weet dat dalende totalen zelden het einde markeren — ze markeren de fase waarin de markt kapitaaldiscipline afdwingt. Twee details onder het oppervlak bevestigen dat. Ten eerste steeg plantaardig juist met 39% naar $450M: het kapitaal vlucht niet uit de categorie, het verschuift naar waar het rendement geloofwaardiger is. Ten tweede zijn sinds september 2024 ruim 70 bedrijven overgenomen, gefuseerd, failliet gegaan of gestopt. Dat is geen instorting, dat is consolidatie — en consolidatie is het moment waarop sterke spelers infrastructuur, IP en talent opkopen tegen een fractie van de bouwkosten.

Het kapitaal dat nog wél binnenkomt, wijst allemaal dezelfde kant op: kapitaalefficiëntie. Neem Pacifico Biolabs — €7M om whole-cut mycelium-vlees te kweken in stilstaande Duitse brouwerijtanks. De oprichter is er nuchter over: brouwerij-infrastructuur is volgens hem ‘minstens 95% goedkoper’ dan een fabriek vanaf nul bouwen. Dalende bierconsumptie maakt die tanks beschikbaar; de slimste teams nemen ze over. Het is geen eenmalig trucje. Standing Ovation haalde €30M op voor caseïne via precisiefermentatie zónder eigen fabriek — met contractproducenten in Oost-Europa en India en een partnerschap met Ajinomoto. En dichter bij huis bewijst het Nederlandse The Protein Brewery met €30M voor zijn Fermotein dat dit model ook hier wortel schiet. Infinite Roots, dat dezelfde route bewandelt, nam deze maand concurrent Bosque Foods over.

In een investeringscommissie zou ik bij elke deal in deze categorie dezelfde drie vragen op tafel leggen. Wat is de capex per ton geïnstalleerde capaciteit? Wiens infrastructuur gebruik je — en hoe afhankelijk maakt dat je? En hoeveel jaar scheidt dit team van kostenpariteit? De tijd dat ‘hoe goed is de technologie?’ de openingsvraag was, ligt achter ons. De vraag is geworden: hoe kapitaalefficiënt is het pad naar de markt?

De ondernemers en fondsen die deze cyclus overleven, zijn niet degenen met het mooiste verhaal, maar degenen die bewezen infrastructuur hergebruiken en vanaf dag één op de kostprijs sturen. Het onderscheid maken tussen een aantrekkelijk verhaal en een verdedigbare strategie is waar ik in gesprekken met investeerders en oprichters steeds op terugkom.

Bronnen: GFI State of the Industry 2025 (data via Net Zero Insights); AgFunder News & Protein Production Technology (Pacifico Biolabs); EU-Startups (Standing Ovation); Edible Planet Ventures (The Protein Brewery); Green Queen (Infinite Roots / Bosque Foods).

Vergelijkbare berichten