|

Meer realisme, minder droom voor de eiwittransitie

Gepubliceerd in Het Financieele Dagblad – 8 januari 2025

Op 8 januari 2025 verscheen mijn opiniestuk in Het Financieele Dagblad over de financiële en bestuurlijke realiteit van de eiwittransitie.

Lees het oorspronkelijke artikel via FD (gratis toegankelijk).

De eiwittransitie is geen technologisch vraagstuk

De eiwittransitie wordt vaak benaderd als een technologische of morele opgave. We spreken over innovatie, gedragsverandering en urgentie. Maar in de praktijk is de kern van het vraagstuk financieel en bestuurlijk van aard.

Het is in essentie een allocatievraagstuk.

Zolang kapitaaldiscipline ontbreekt, blijft structurele opschaling uit — ongeacht de hoeveelheid visiedocumenten, pilots of beleidsambitie.

De transitie stokt niet bij technologie, maar bij de manier waarop publiek en privaat kapitaal zich tot elkaar verhouden.

Publiek en privaat spreken een andere taal

Publiek kapitaal stuurt primair op legitimiteit, maatschappelijke doelen en risicoreductie.

Privaat kapitaal stuurt op rendement, schaalbaarheid en voorspelbaarheid.

Beide logica’s zijn rationeel. Maar ze opereren in verschillende tijdshorizonten en verantwoordingsstructuren.

Publieke middelen bewegen binnen politieke cycli en maatschappelijke druk.

Private investeerders opereren binnen kapitaalmarktdynamiek en exitlogica.

Wanneer deze verschillen niet expliciet worden gemaakt, ontstaat frictie:

  • subsidies zonder structurele opschaling
  • private middelen zonder beleidsinbedding
  • veel pilots, maar weinig systeemdoorbraak

De eiwittransitie blijft dan hangen in experimenten.

Zonder kapitaaldiscipline geen schaal

In vrijwel iedere transitie — energie, digitalisering, circulaire economie — zien we hetzelfde patroon.

Ambities worden geformuleerd.

Coalities worden gevormd.

Pilots worden gestart.

Maar zodra het moment van echte schaalfinanciering aanbreekt, ontstaan spanningen:

  • Wie draagt het risico?
  • Wie borgt continuïteit?
  • Welke governance-structuur past bij systeemverandering?

Zonder duidelijke kapitaaldiscipline en heldere allocatieprincipes ontstaat vertraging.

Dat is geen technologisch probleem.

Dat is een institutioneel probleem.

Governance is de bottleneck

In systeemtransities ligt de grootste vertraging niet in innovatie, maar in governance en financieringsarchitectuur.

Raden van toezicht en investeringscommissies zijn ingericht op stabiliteit. Zij toetsen individuele projectrisico’s.

Maar systeemtransities vragen het managen van systeemrisico’s:

te laat bewegen is soms risicovoller dan gecontroleerd instappen.

Daar ontstaat spanning. Niet tussen mensen, maar tussen logica’s.

Bestuurlijke implicatie: governance moet differentiëren tussen reguliere investeringen en transitie-investeringen.

Zonder dat onderscheid blijven besluitvormingsprocessen remmend werken.

Van droom naar realisme

De eiwittransitie heeft visie nodig. Maar visie zonder financiële architectuur blijft retoriek.

Wie werkelijk versnelling wil, moet drie zaken expliciet maken:

  1. Allocatieprincipes – welke risico’s zijn publiek, welke privaat?
  2. Schaalcriteria – wanneer is een pilot schaalbaar?
  3. Governance-aanpassing – hoe toets je transitie-investeringen anders dan reguliere projecten?

Zonder deze explicitering blijven publieke en private middelen elkaar missen.

De eiwittransitie vraagt minder droom en meer realisme.

Niet minder ambitie — maar meer financiële volwassenheid.